
Tremor kan verschillende oorzaken hebben. Op deze pagina vind je een overzicht van de meest voorkomende vormen van tremor, met een korte uitleg per type.
Onderliggende oorzaak van tremor:
Een fysiologische tremor is een subtiele, binnen de normale variatie vallende tremor die bij vrijwel alle volwassenen voorkomt, maar vaak niet wordt opgemerkt.
Deze kan o.a. ontstaan door:
- Angst
- Koorts
- Stimulerende middelen als cafeïne, (onttrekking aan) alcohol of drugs
- Metabole oorzaken zoals hyperthyreoïdie of hypoglycemie
- Medicijnen
Er zijn veel medicijnen die een tremor kunnen veroorzaken, zowel medicatie voor lichamelijke klachten als psychofarmaca. Naast een versterkte fysiologische tremor, kunnen verschillende medicijnen (o.a. antipsychotica) ook een tremor veroorzaken via het extrapiramidale systeem.
Essentiële tremor is de meest voorkomende bewegingsstoornis bij ouderen:
- ±1% bij volwassenen,
- ±4% bij mensen >40 jaar
- >20% bij 90-plussers.(1)(zie bronnen op deze pagina >>)
De tremor zit bijna altijd in de handen. Soms trillen ook het hoofd of andere lichaamsdelen, of is de stem aangedaan. Het gaat om een houdingstremor, die vaak ook zichtbaar wordt tijdens gerichte bewegingen (actietremor). De aandoening wordt meestal langzaam erger. Het komt vaak in families voor, wat erop wijst dat erfelijkheid een rol kan spelen. De exacte oorzaak is nog niet helemaal bekend.
De ernst van een essentiële tremor kan toenemen onder invloed van factoren die ook een versterkte fysiologische tremor veroorzaken, zoals stress, vermoeidheid, medicijnen met tremor als bijwerking of het gebruik van stimulerende middelen.
Tremor komt vaak voor bij de ziekte van Parkinson. Ongeveer 75% van de mensen met Parkinson hebben hier last van. De oorzaak is ingewikkeld en gaat verder dan alleen een tekort aan dopamine. Bij tremor zijn twee hersennetwerken betrokken: één netwerk met de basale ganglia-corticale lus en één netwerk met de cerebello-thalamo-corticale lus.
Volgens het zogenoemde dimmer-switch model starten de basale ganglia een tremor (als ‘schakelaar’), terwijl de cerebello-thalamo-corticale baan de tremor in stand houdt en bepaalt hoe sterk de tremor is (amplitude).
Niet alleen dopamine speelt een rol bij het ontstaan en beheersen van een tremor, maar ook andere stoffen in de hersenen (neurotransmittersystemen), zoals serotonine en noradrenaline. Door deze ingewikkelde interacties is de ernst van een tremor en hoe goed een behandeling aanslaat verschillend per persoon(2,3). Meestal gaat het om een rusttremor, maar in latere stadia kan ook een actietremor optreden. De rusttremor heeft een karakteristieke lage frequentie en ziet eruit als een “geldtel” beweging tussen duim en vingers. Naast vingers en handen kunnen ook andere lichaamsdelen trillen.
Verschillende medicijnen kunnen als bijwerking parkinsonisme veroorzaken. Denk dan aan medicijnen zoals antipsychotica en bepaalde anti-epileptica zoals valproïnezuur.
Parkinsonisme is een syndroom dat lijkt op de ziekte van Parkinson, met symptomen als traagheid van bewegen (bradykinesie), spierstijfheid (rigiditeit) en rusttremor. Het risico op parkinsonisme door medicatie wordt groter met het stijgen van de leeftijd. Ook kan het beeld soms moeilijk te onderscheiden zijn van de ziekte van Parkinson.
Cerebellaire tremor is een tremor die ontstaat door schade aan of niet goed functioneren van de kleine hersenen (cerebellum). Deze schade kan verschillende oorzaken hebben, zoals een beroerte (CVA), een tumor in de kleine hersenen, hersenletsel door een trauma, schade door medicijnen, of erfelijke aandoeningen.
De tremor is vaak, maar niet altijd, een intentietremor. Dit betekent dat het trillen vooral zichtbaar wordt als iemand een gerichte beweging maakt en het doel nadert. Bijvoorbeeld als iemand met de vinger de neus probeert aan te raken (top-neusproef).
Binnen de geestelijke gezondheidszorg is een te hoge dosis of vergiftiging (intoxicatie) met lithium een belangrijke en bekende oorzaak van een cerebellaire tremor. Het is belangrijk dit op tijd te herkennen, omdat deze schade soms blijvend kan zijn.
Functionele tremor is de meest voorkomende functionele bewegingsstoornis. Deze tremor past niet goed bij andere neurologische aandoeningen en kan per moment verschillen. Zo kan de tremor bijvoorbeeld wisselen in snelheid (frequentie) of sterkte (amplitude) tijdens een onderzoek (frequency variability), minder worden als iemand wordt afgeleid (distractibility), of zich aanpassen aan een ritmische beweging van een ander lichaamsdeel (entrainment). Ook kan de tremor soms acuut beginnen; dit is niet noodzakelijk, maar ondersteunt de diagnose wanneer het voorkomt. Deze kenmerken onderscheiden functionele tremor van andere soorten tremors en maken een klinische diagnose mogelijk.
Hoewel functionele tremor vaker voorkomt bij jongvolwassenen, treft het ook ouderen. Vrouwen hebben het vaker dan mannen. De aandoening lijkt samen te hangen met te veel aandacht voor het trillende lichaamsdeel, problemen met emoties en een verstoorde samenwerking tussen verschillende delen van de hersenen (limbische en motorische hersengebieden). De behandeling bestaat vooral uit fysiotherapie, cognitieve gedragstherapie (CGT) en andere behandelingen zonder medicijnen. Het is belangrijk om de aandoening vroeg te herkennen en samen te werken met verschillende zorgverleners (multidisciplinaire aanpak), omdat functionele tremor veel invloed heeft op de kwaliteit van leven.(4) (zie bronnen op deze pagina >>)
Orthostatische tremor
Orthostatische tremor is een zeer zeldzame aandoening. Mensen met deze aandoening krijgen trillingen in de benen en voelen zich instabiel als zij staan. Deze klachten verdwijnen als zij gaan lopen of zitten. De tremor heeft een hoge snelheid (13-18 Hz) en kan worden vastgesteld met een onderzoek naar elektrische activiteit in de spier (EMG) terwijl iemand staat. Als een arts bij het bovenbeen met stethoscoop luistert terwijl de patiënt staat, is soms een typisch geluid te horen. Dit wordt ook wel het helicoptersign genoemd. De aandoening is niet erfelijk. De precieze oorzaak is nog grotendeels onbekend.(5) (zie bronnen op deze pagina >>)
📂 Casus uit de klinische praktijk (zie praktijkvoorbeelden op deze pagina >>)
Dystone tremor
Dystonische tremor is een bewegingsstoornis waarbij tremor optreedt in een lichaamsdeel dat ook last heeft van dystonie. Deze tremor is vaak onregelmatig, wisselt in sterkte en snelheid en is meestal niet aan beide kanten van het lichaam hetzelfde. De tremor kan voorkomen in rust, bij het vasthouden van een houding, tijdens bewegen of een combinatie hiervan. Bij sommige patiënten kan de tremor ook optreden in een lichaamsdeel zonder dystonie. Dit wordt ‘tremor geassocieerd met dystonie’ (TAWD) genoemd.
De ontstaansmechanismen van dystonische tremor liggen in een verstoorde samenwerking tussen verschillende delen van de hersenen (netwerken van de kleine hersenen en de basale ganglia). Het stellen van een diagnose is moeilijk, omdat de klachten kunnen lijken op andere vormen van tremor, zoals essentiële tremor of Parkinson.
Een opvallend kenmerk van dystonische tremor is dat specifieke vrijwillige handelingen of houdingen de tremor tijdelijk kunnen verminderen of laten verdwijnen. Dit kan bijvoorbeeld door een sensory trick (geste antagoniste), zoals een lichte aanraking of een subtiele proprioceptieve prikkel. Ook kan het helpen om het lichaamsdeel mee te laten bewegen naar de door de dystonie opgelegde houding in plaats van deze tegen te werken; dit kan de tremor soms doen afnemen en ondersteunt de diagnose dystonische tremor. Als de tremor helemaal stopt in een bepaalde (maximale dystonische) houding, heet dit een ‘null point’. Daarentegen kan actief bewegen tegen de richting van de dystonie in het trillen juist uitlokken of verergeren.
Bij de diagnose en behandeling van dystonische tremor is het belangrijk om goed te kijken naar de combinatie van trillen en dystonie, zodat de invloed van de klachten op het dagelijks leven zo klein mogelijk blijft. De behandeling kan bestaan uit fysiotherapie, medicijnen (zoals botulinetoxine) en in sommige gevallen diepe hersenstimulatie (DBS).(6,7) (zie bronnen op deze pagina >>)
Holmes tremor
Holmes tremor is een zeldzame bewegingsstoornis. Hierbij komt trillen voor in rust, tijdens bewegen en bij het vasthouden van een houding. De tremor is langzaam (< 5 Hz) maar groot en duidelijk zichtbaar. Hierdoor kunnen mensen veel problemen krijgen in het dagelijks leven. De aandoening ontstaat meestal door hersenletsel zoals beroertes, traumatisch letsel, infecties, tumoren, of door neurodegeneratieve aandoeningen. De klachten beginnen vaak pas één tot 24 maanden na het hersenletsel. Dit wijst erop dat de hersenen zich in die periode aanpassen. De tremor ontstaat door schade aan meerdere netwerken in de hersenen die beweging aansturen. In veel gevallen is ook een specifiek gebied in de middenhersenen betrokken, de zogenaamde nucleus ruber (rode kern). Dit gebied is belangrijk voor het goed laten verlopen van bewegingen.
De diagnostiek bestaat uit lichamelijk onderzoek, een MRI-scan en soms aanvullende beeldvorming, zoals een DaT-scan. De behandeling is uitdagend en kan bestaan uit medicijnen (zoals levodopa en anticholinergica), diepe hersenstimulatie (DBS), en in sommige gevallen een hersenoperatie. Samenwerking tussen verschillende zorgverleners is belangrijk om de invloed van Holmes tremor op de kwaliteit van leven te verminderen.(8,9) (zie bronnen op deze pagina >>)
