Wij krijgen nogal eens de vraag binnen of iemand een (huis)dier mag meenemen naar onze locaties. Binnen GGz Centraal hebben wij in de huisregels per afdeling vastgelegd óf en onder welke voorwaarden (huis)dieren wel of niet toegestaan zijn.

Keuzes hangen af van mogelijkheden binnen het gebouw, het soort afdeling, klinisch of poliklinisch en van de invloed van aanwezigheid van een dier op de afdeling of in de polikliniek. Daarbij kunnen bv. ook hygiëne en risico op overdracht van ziekteverwekkers redenen zijn om (huis)dieren niet toe te laten.

Een uitzondering hierop betreft de toelating van honden met een hulpfunctie, assistentiehonden genoemd. Deze honden hebben een daadwerkelijke hulpfunctie in het dagelijks leven van hun eigenaar. Hen kunnen wij de toegang, onder voorwaarden toezeggen. Die voorwaarden lees je hieronder.

Assistentiehonden meenemen?
Er zijn verschillende soorten assistentiehonden, zoals: hulphonden, signaalhonden, epilepsie- of ‘seizurehonden’, therapiehonden en geleidehonden. Heb jij een assistentiehond? En wil je deze meenemen? Meldt dat dan altijd vóór de eerste intake. Wij bespreken dan met jou of de voordelen (sociale- praktische- en/of therapeutische noodzaak) van het meenemen van de assistentiehond opwegen tegen de nadelen (o.a. verstoring op de afdeling).

Algemene voorwaarden tot het toelaten van assistentiehonden
Honden met een hulpfunctie (hulp- of assistentiehonden) kunnen wij alleen onder de volgende voorwaarden toelaten bij een (poli)klinische afspraak of verblijf:

  • de hond moet altijd herkenbaar zijn als assistentiehond
  • de hond dient aangelijnd te zijn
  • de hond draagt zichtbaar een dekje met het logo van de stichting die de hond getraind heeft en de tekst waaruit blijkt dat het om een assistentiehond gaat
  • de hond is aantoonbaar gevaccineerd, ontwormd en recent behandeld met anti-vlo en anti-teek middel; de baas van de hond moet op verzoek van de medewerker een legitimatiepasje kunnen tonen met de naam van de baas en de naam van de hond, eventueel met foto’s
  • indien de hond niet bij een stichting getraind is, moet de baas een persoonsgerichte (medische) verklaring kunnen tonen over het belang van de hulphond
  • baas en hond trekken samen op; de hond moet in functie zijn.
  • de hond mag geen overlast veroorzaken
  • als een cliënt klinisch opgenomen is met beperking van vrijheden, dan moet de cliënt zelf iemand regelen voor het uitlaten en verzorgen van de hond

Bezoek en assistentiehonden?
Heb jij een assistentiehond? En wil je op bezoek komen bij iemand in één van onze klinieken?
Neem dan altijd van tevoren met de teamleider van de afdeling contact op en overleg wat de mogelijkheden zijn.