GGz Centraal moet zich ieder jaar ‘verantwoorden’. Inhoudelijk en financieel. In de jaarrekening leggen we uit waar het geld het afgelopen kalenderjaar vandaan is gekomen en waar we het aan hebben uitgegeven. De raad van toezicht heeft de jaarrekening van 2019 op 26 mei vastgesteld. Afrekeningen uit voorgaande jaren vormen een belangrijke basis voor het positieve resultaat. Dat vraagt om nadere uitleg.

De infographic ‘jaarcijfers 2018 – 2019’ ondersteunt dit resultaat in beeld. Samengevat komt het hier op neer: we hebben over 2019 een positief resultaat behaald van 9.3 miljoen; een prachtig cijfer in de plus. Met name gerealiseerd door extra (eenmalige) inkomsten. Waar komt dat geld vandaan? We zijn niet uit op enorme winst.

Waardoor zijn de inkomsten gestegen?
De inkomsten uit de behandelingen zijn van zo’n 200 miljoen in 2018 gestegen naar 220 miljoen in 2019. Dat komt voor een deel door extra productie door de komst van SymforaMeander. Door tariefafspraken (prijsindexatie) met zorgverzekeraars en gemeenten. En we hebben meer cliënten in behandeling gehad.

Nabetalingen door zorgverzekeraars
De inkomstenstijging van 20 miljoen heeft nog een andere belangrijke oorzaak. De zorgverzekeraars en gemeenten hebben het afgelopen jaar nabetalingen gedaan voor zorg die we in de afgelopen jaren hebben geleverd. In 2019 stonden hier dus geen kosten tegenover. Het totale bedrag van deze nabetalingen – ca 6.5 miljoen – telt daarom direct door in het resultaat van 9.3 miljoen. Dat is een mooi resultaat en versterkt onze financiële positie. Dat is nodig omdat we ook zien dat onze kosten fors stijgen. Daarom reserveren we 2.5 miljoen om te investeren in onze organisatie in 2020 en 2021. We kunnen niet achteroverleunen. De vraag naar ggz behandelingen is nog steeds groter dan het aanbod. We hebben nog steeds te maken met wachtlijsten. Daarom willen we vernieuwen. En door innovatie met de inzet van minder middelen meer zorg van hoge kwaliteit leveren.

Hoe verhouden de inkomsten zich tot de uitgaven?
In de begroting zijn we uitgegaan van een resultaat van 3.4 miljoen. We hebben, los van eenmalige inkomsten en uitgaven, 1.8 miljoen resultaat gerealiseerd. De inkomsten zijn toegenomen ten opzichte van 2018 maar tegelijkertijd namen ook de personeelskosten fors toe. In totaal maar ook per fte. Deze stijging loopt niet in gelijke pas met de tarieven die we krijgen. Naast CAO-effecten is dit vooral een effect van de veranderende arbeidsmarkt. Door schaarste moeten we meer ‘personeel niet in loondienst’ inhuren. De kosten van deze PNIL’ers zijn met maar liefst 12% toegenomen.

Wat betekent dit voor de begroting van nu?
De uitbraak van Covid-19 veroorzaakt financieel een onzekere situatie. Door de overheidsmaatregelen hebben we de zorg tijdelijk moeten terugschroeven. Terwijl de meeste kosten gewoon zijn doorgelopen. Gelukkig hebben we snel geleerd en in praktijk gebracht. Zo konden we een deel van de behandelingen digitaal aanbieden. Er zijn inmiddels financiële regelingen in voorbereiding om de ggz te ondersteunen. We weten nog niet wat dat ons gaat brengen. En we kunnen nu niet voorspellen hoe lang de ‘coronacrisis’ voortduurt. En wat alle gevolgen op de lange termijn zijn. We weten dus niet welke invloed dit heeft op het uiteindelijke resultaat van 2020. Daarom is het extra fijn dat we 2019 positief hebben kunnen afsluiten. Dat versterkt onze uitgangspositie voor 2020.

Wij zijn er trots op dat wij met zo veel enthousiaste collega’s dit resultaat hebben bereikt!

Albert van Esterik en Arjan Theil, raad van bestuur