Voor mensen met een eetstoornis is hulp vragen een heel grote stap. Juist het vroegtijdige herkennen en behandelen zijn belangrijk. Het vraagt veel tijd en doorzettingsvermogen om een eetstoornis aan te pakken.

Het zorgprogramma eetstoornissen heeft een team van hulpverleners met een specifieke deskundigheid en ervaring. Wij bieden een specialistisch diagnostiek- en behandelaanbod dat zoveel mogelijk aansluit bij jouw hulpvraag.  Een goede samenwerkingsrelatie met jou en je naastbetrokkenen staat bij de behandeling centraal. Vanzelfsprekend werken we volgens de meest recente wetenschappelijke inzichten.

Binnen het zorgprogramma eetstoornissen bieden we behandeling aan volwassenen met de eetstoornissen:

  • anorexia nervosa; te weinig eten
  • boulimia nervosa; te veel eten
  • binge eating disorder (eetbuistoornis) met obesitas
  • a-typische eetstoornis (als je niet precies alle kenmerken van een van bovenstaande stoornissen hebt)
  • ARFID ‘Avoident Restrictive Food intake Disorder’, ofwel ‘vermijdende restrictieve voedselinname stoornis’

Een eetstoornis heeft vaak ook grote invloed op relaties en het gezin. Daarom willen we familieleden, partners en eventueel kinderen betrekken bij de diagnostiek, de behandeling en de evaluaties. Een andere reden om hen te betrekken is dat positieve invloed een eetstoornis positief verder helpen.

Na een eerste intake bespreken we met je of behandeling binnen het zorgprogramma eetstoornissen de beste optie is. We doen uitgebreide diagnostiek. Dit starten we met psychologische onderzoeken. Daarna nodigen we je uit voor een ‘specialistische diagnostiek dag’. We brengen dan door middel van diverse onderzoeken de eetstoornis en jouw hulpvraag in kaart. Je kunt bij deze onderzoeken denken aan een gezinsgesprek, diëtistisch onderzoek en psychiatrisch onderzoek. Op dezelfde dag krijg je hiervan de uitslag. We bespreken dan samen een voorstel voor behandeling.  Op deze dag is het belangrijk dat een of meerdere naasten – zoals partners, ouders, kinderen – er ook bij zijn. Een week later is er een tweede gesprek, waarin je bespreekt of je akkoord gaat met het behandelvoorstel.

We wijzen een regiebehandelaar toe. Deze stelt samen met jou – en eventueel met naasten – het behandelplan op. Dit plan nemen we op in het dossier.

Hoe verloopt de behandeling?

De inhoud en het verloop van een behandeling is voor iedereen verschillend. Met elke cliënt bespreken we vooraf de doelen van de behandeling.

In de beginfase van een behandeling leer je hoe je met doelen werkt en je motivatie versterkt. In de therapie gaat het om het bijstellen van irrationele gedachten door cognitieve therapie en het doorbreken van vermijdend gedrag. Bijvoorbeeld de neiging om moeilijke eetsituaties te vermijden. Het aanleren van een gezond eetpatroon staat centraal, net als het toewerken naar een gezonde gewichtsmarge.

We bieden zowel groepsbehandeling als individuele therapie aan. Daarvan kunnen voorlichting over eetproblemen, cognitieve gedragstherapie, systeemgesprekken, voedingsmanagement, ervaringsdeskundigheid en psychomotorische therapie onderdeel zijn. Als de eetstoornis veel minder op de voorgrond staat, bieden we voor jongvolwassenen ook een groep aan die meer gericht is op versterking van de identiteit. Met aandacht voor ragen als ‘wie ben ik nog meer’?

In de eindfase maken we een ‘veerkrachtplan’ om de behaalde resultaten vast te kunnen houden en terugval te voorkomen.

Ongeveer de helft van alle jonge vrouwen begint met lijnen. Een klein deel van hen – minder dan één procent – kan niet stoppen met lijnen. Ze gaan er mee door, ook als ze inmiddels broodmager zijn. Ondertussen blijven ze zich te dik voelen. Deze vrouwen lijden mogelijk aan anorexia nervosa.

De naam ‘anorexia’ klopt niet helemaal
Anorexia nervosa (ook wel afgekort tot anorexia) betekent letterlijk ‘gebrek aan eetlust door psychische oorzaken’. Deze naam is misleidend, omdat de patiënten die eraan lijden, vooral vrouwen – maar ook mannen, geen gebrek aan eetlust hebben. Ze hebben wel degelijk honger maar geven er niet aan toe. Ze proberen het hongergevoel de hele dag te onderdrukken en ontzeggen zichzelf vaak steeds meer.

Lijnen als obsessie
Mensen met anorexia denken de hele dag aan eten en afvallen. Ze tellen de calorieën van alles wat ze eten, ze wegen zich dagelijks en meten hun lichaamsomvang. Het is een obsessie voor ze. Motieven om te lijnen zijn:

  • angst om dik te worden
  • een vertekend lichaamsbeeld
  • gebrekkige zelfwaardering

Controle over het eten
Mensen met anorexia nervosa leggen zichzelf een zeer strikt dieet op. Vaak eten ze iedere dag dezelfde dingen, volgens een vast ritueel. Sommige mensen met anorexia kunnen dit zelfopgelegde regime niet voortdurend volhouden, en verliezen af en toe de controle. Dan hebben ze last van een eetbui, waarbij ze in korte tijd veel vet en ongezond eten naar binnen werken. Na afloop voelen ze zich schuldig en proberen het eten zo snel mogelijk kwijt te raken door bijvoorbeeld te braken of te sporten.

Overmatig bewegen
Uit angst om aan te komen, dwingen mensen met anorexia zich vaak tot overmatig bewegen. Ook weer volgens een vast ritueel. Ze joggen bijvoorbeeld 10 kilometer per dag, of doen 500 buikspieroefeningen, of twee uur aerobics met als doel het verbranden van calorieën.

Ontkenning
Mensen met anorexia kunnen vaak heel lang volhouden dat er niets met hen aan de hand is. Ze houden hun eetgedrag en hun lichaamsomvang voor anderen verborgen. Ze ontkennen – ook tegenover zichzelf – dat er iets mis is. Dit verhindert hen vaak om hun problemen te bespreken met belangrijke mensen in hun omgeving. Het bemoeilijkt ook het zoeken van hulp.

Beloop van anorexia nervosa
Anorexia nervosa is een zeer ernstige ziekte die jaren kan duren. De weg naar genezing is lang. Ongeveer 45% geneest volledig, 35% gedeeltelijk en 20% geneest niet. Anorexia is de psychiatrische ziekte met het hoogste sterftepercentage: 5-10% overlijdt eraan. Het vermoeden bestaat wel dat eerdere signalering tot een grotere kans op genezing leidt.

(Bron: Nederlandse Academie voor Eetstoornissen)

Ongeveer de helft van alle jonge vrouwen begint met lijnen. Een klein deel van hen – minder dan vijf procent – wisselt het lijnen regelmatig af met eetbuien. Tijdens zo’n eetbui zijn ze de controle over hun eetgedrag kwijt en werken ze in korte tijd grote hoeveelheden voedsel naar binnen. Na afloop voelen ze zich schuldig en proberen het eten weer kwijt te raken. Deze vrouwen lijden mogelijk aan boulimia nervosa.

De naam ‘boulimia’ klopt niet helemaal
Boulimia nervosa (ook wel afgekort tot boulimia) betekent letterlijk ‘eetlust als een os door psychische oorzaken’. Deze naam klopt niet helemaal, omdat de mensen die eraan lijden – vooral vrouwen, maar ook mannen – eigenlijk niet zo’n enorme eetlust hebben. De drang om in korte tijd veel te eten is een onbeheersbaar gevoel. Bovendien wisselen ze de eetbuien af met perioden van zeer weinig eten, waardoor ze meestal een normaal gewicht hebben.

Wat is een eetbui?
Tijdens een eetbui hebben mensen met boulimia het gevoel dat zij de controle over hun eetgedrag volledig kwijt zijn. Ze proppen zich vol en kunnen niet meer stoppen. Meestal bestaat zo’n eetbui uit voedsel dat ze zichzelf buiten de eetbuien niet toestaan. Aan de eetbui beleven ze weinig plezier: ze proeven het voedsel eigenlijk niet eens. Na afloop voelen ze zich zwak en schuldig.

Eetbuien: een vast patroon
De eetbuien verlopen vaak volgens een vast patroon. Omdat mensen met boulimia zich schamen voor hun eetverslaving, hebben ze die eetbuien altijd alleen. En in het geheim.

Na afloop van de eetbui
Na afloop steken mensen met boulimia hun vinger in de keel om te braken Of ze slikken laxeermiddelen om het eten kwijt te raken. Ook dwingen veel mensen met boulimia zich tot overmatige activiteit. Ze joggen bijvoorbeeld vele kilometers per dag, doen buikspieroefeningen of proberen weer te lijnen.

Schaamte
Mensen met boulimia kunnen hun ziekte lang verborgen houden voor de buitenwereld. Ze schamen zich voor hun eetbuien. Omdat mensen met boulimia meestal een vrij normaal gewicht hebben, dat bij sommigen op en neer gaat, is de kans op ontdekking kleiner dan bij anorexia. Dit verhindert hen vaak om hun problemen te bespreken met belangrijke mensen in hun omgeving. Het bemoeilijkt ook het zoeken van hulp.

Verloop van boulimia nervosa
Boulimia nervosa is een ernstige ziekte die jaren kan duren. De weg naar genezing is lang. Ongeveer de helft van de cliënten met boulimia geneest volledig, een kwart gedeeltelijk en een kwart geneest niet. Boulimia heeft niet zo’n hoog sterftepercentage als anorexia: ongeveer 1% van de cliënten overlijdt eraan.

(Bron: Nederlandse Academie voor Eetstoornissen)

Een eetbuistoornis of ‘Binge Eating Disorder’ lijkt in grote lijnen op boulimia nervosa. Er is één belangrijk verschil. Mensen met boulimia proberen na afloop van de eetbui het voedsel kwijt te raken. Mensen met een eetbuistoornis doen dat niet. Daardoor neemt hun gewicht toe, waardoor de eetbuistoornis zichtbaar is.

Wat is een eetbui?
Tijdens een eetbui hebben mensen met een eetbuistoornis het gevoel dat zij de controle over hun eetgedrag volledig kwijt zijn. Ze proppen zich vol in korte tijd met een grote hoeveelheid voedsel (vaak snacks, chocolade en andere vet voedsel) en kunnen niet meer stoppen. Aan de eetbui beleven zij weinig plezier: ze proeven het voedsel eigenlijk niet eens. Na afloop voelen ze zich zwak en schuldig.

Eetbuien: een vast patroon
De eetbuien verlopen vaak volgens een vast patroon. Omdat ze zich schamen voor hun gedrag, hebben ze die eetbuien altijd alleen. En in het geheim. Sommige mensen eten de hele dag door of zeer grote porties bij de hoofdmaaltijden.

Schaamte
Mensen met een eetbuistoornis schamen zich voor hun eetbuien en voor hun overgewicht. Omdat ze meestal een hoog gewicht hebben, is de kans op ontdekking groot. Mensen met een eetbuistoornis zoeken eerder hulp dan mensen met boulimia.

Verloop van eetbuistoornis
Eetbuistoornis bestaat als aparte diagnose nog niet zo lang. Op dit moment is nog onvoldoende bekend over het verloop van de stoornis en de kansen op genezing.

Obesitas of zwaarlijvigheid
Te zwaar zijn is op zich geen eetstoornis. Mensen die te dik zijn kunnen wel een eetprobleem hebben (zoals een eetstoornis). Maar wanneer ben je nu echt te dik? Daarvoor wordt bij kinderen en jongeren vooral gekeken naar de zogenaamde groeicurven. Bij volwassenen gebruikt men daarvoor de Body Mass Index (BMI). Dat is het gewicht (in kg) gedeeld door de lengte (in meters) in het kwadraat. Een gezond gewicht ligt tussen een BMI van 20-25, terwijl een index van 30 of meer wijst op obesitas en BMI boven de 40 is morbide obesitas. Nogmaals: obesitas is geen diagnose, maar meer een beschrijving van een fysieke toestand.

(Bron: Nederlandse Academie voor Eetstoornissen)

ARFID is de afkorting van Avoidant/Restrictive Food Intake Disorder. Ofwel in het Nederlands: een vermijdende/restrictieve voedselinname stoornis. Eerder werd deze stoornis gediagnosticeerd als Eating Disorder, Not Otherwise Specified. Een vage diagnose van eetstoornissen die niet passen in de diagnose van anorexia of boulimia.

Personen die lijden aan ARFID vermijden, vanuit een niet-rationele angst, voedsel met een bepaalde kleur, textuur of smaak. Of ze vermijden voedsel uit angst om te gaan braken. Een andere vorm van ARFID is het niet eten omdat je eten vergeet / geen eetlust hebt.

ARFID is meer dan kieskeurig eten. Veel kinderen hebben wel vaker een periode dat ze bepaalde dingen niet willen eten, maar dat is meestal van voorbijgaande aard. We spreken van ARFID als het gedrag leidt tot gewichtsverlies, groeistoornissen en ernstig tekort aan voedingsstoffen. De stoornis komt het meest voor bij kinderen. Maar ook jongeren en volwassenen kunnen lijden aan ARFID.

(Bron: website Novarum)

Bij een ‘Andere gespecificeerde voedings- of eetstoornis’ (AGE) heb je wel een aantal symptomen van anorexia, boulimia of een eetbuistoornis, maar niet alle symptomen die bij deze specifieke eetstoornissen horen.
Je kunt bijvoorbeeld alle symptomen hebben van anorexia, maar een normaal gewicht hebben. Ondanks het feit dat je niet aan alle criteria van een eetstoornis voldoet, is deze net zo ernstig als de andere eetstoornissen. De ‘Andere gespecificeerde voedings- of eetstoornis’ is tevens de meest voorkomende van alle eetstoornissen.

Bij deze eetstoornis heb je net als bij de specifieke eetstoornissen veel last van piekeren over eten, je gewicht of lichaamsvormen. Meestal heb je last van een verstoord eetpatroon, een sterke wens om af te vallen en een grote angst om dik te worden. Je kunt eetbuien hebben, of op een ongezonde manier je gewicht onder controle houden. Door bijvoorbeeld te braken, laxeren of extreem te bewegen. Ook bij de anders gespecificeerde eetstoornis draait (het grootste gedeelte van) je leven om eten, gewicht en uiterlijk.

(Bron: website Novarum)

Als je bij ons in behandeling komt, krijg je een account voor ons online clientportaal Karify. Je vindt hier belangrijke informatie over het zorgprogramma.

Tijdens je behandeling kun je via Karify:

  • veilig met je behandelaar communiceren
  • een bibliotheek met nuttige informatie raadplegen
  • huiswerkopdrachten maken
  • op ieder gewenst moment je online dossier bekijken.

Ben je tevreden over onze zorg? Of zijn er zaken die volgens jou beter kunnen? We zetten verschillende instrumenten in om dat te weten te komen. Vragenlijsten, spiegelgesprekken, kwaliteitstoetsing vanuit cliëntperspectief en een cliëntenpanel. Ga naar meer info als je hierover meer wilt lezen.

We willen bijdragen aan de ontwikkeling van de best beschikbare behandelingen. Nu en in de toekomst. Daarom doen we ook aan wetenschappelijk onderzoek. Mogelijk vragen we jou of we gegevens over je klachten en je behandeling mogen gebruiken voor onderzoek. Het staat geheel vrij dit te weigeren. Wil je wel deelnemen aan onderzoek? Dan zorgen we er uiteraard voor dat we de gegevens anoniem opslaan en dat ze niet herleidbaar zijn.